Nieuwsbericht

31 August 2016

‘Waardevolle toegang verkregen tot universiteitswereld’

‘ADEM heeft ons waardevolle toegang verschaft tot de wereld van universiteiten.’ Aan het woord is Ernst Granneman, chief technology officer bij Levitech. De Almeerse machinebouwer Levitech is vanaf het eerste uur betrokken bij ADEM. Volgens Granneman heeft het initiatief waarin onderzoek en onderzoeksfaciliteiten worden rond de onderwerpen energietransitie, -opslag en –transport inmiddels haar waarde bewezen.

Levitech brengt als spin-off van het beursgenoteerde ASM International (ASMI) twee producten op de markt: de Levitor en de Levitrack. De Levitor – een Rapid Thermal Processing-systeem (RTP) systeem dat geleverd wordt aan de halfgeleiderindustrie – geeft chipwafers een ultrasnelle warmtebehandeling door middel van gassen die opgewarmd zijn in massieve hitteblokken. De Levitrack is een atoomlaagdepositiesysteem voor de fabricage van zonnecellen op basis van hetzelfde zwevende wafersysteem wat gebruikt wordt in de Levitor. Deze zonnecelmachines verzorgen de depositie van aluminiumoxide (Al2O3). 

Dunne laagjes

In het kader van onder meer het ADEM-programma heeft Levitech enkele jaren geleden een ALD-machine geplaatst bij ADEM-partner ECN.  ‘Deze machine is niet alleen veelvuldig voor ADEM-onderzoeksdoeleinden gebruikt, maar ook in het kader van het Topsectorenbeleid.’

Levitech is namelijk ook deelnemer in een aantal Topsectorenprojecten via het Topconsortium Kennis & Innovatie (TKI) Urban Energy. Granneman: ‘Met onze machine worden op vrijwel alle (onderzoeks)zonnecellen van ECN dunne laagjes aluminiumoxide gedeponeerd.’

In dienst van bedrijven

Groot pluspunt aan het ADEM-programma vindt Granneman dat zowel ECN als de universiteiten bedrijven de mogelijkheid geven invloed uit te oefenen. ‘Dankzij dit soort programma’s leggen onderzoekscentra hun oor meer te luisteren dan in het verleden. Dat is prettig, want onderzoek vindt daarmee meer en vaker plaats in dienst van bedrijven. Dat ervaren wij niet alleen bij ECN, maar ook bij de universiteiten van Eindhoven en Delft. Zij voeren onderzoek uit dat voor ons van wezenlijk belang is. Het gaat daarbij evengoed om fundamenteel onderzoek. Via de ADEM-onderzoekers, en met name via ECN waar onze ALD-machine staat, hebben wij veelvuldig feedback gehad over concrete verbeteringen aan onze machine. Dat heeft ons bedrijf daadwerkelijk vooruit geholpen.’

Program Board

Granneman heeft overigens zitting in de zogenaamde Program Board van ADEM. Dit orgaan zorgt op een hoger niveau voor de sturing van het onderzoeksprogramma. ‘Ook dit is een kans om het onderzoeksprogramma te sturen naar zaken waar je als bedrijfsleven toegevoegde waarde ziet, zonder dat het al te pragmatisch wordt. Bovendien biedt het ruimte om verbeteringen door te voeren. Zo is het voor bedrijven prettig als er nog meer en tegen zo laag mogelijke kosten van de gezamenlijke onderzoeksapparatuur gebruik gemaakt kan worden.’

‘In het Program Board ondervind ik verder aan den lijve de voordelen van de opzet van ADEM’, vervolgt Granneman. ‘De organisatiestructuur is minder complex dan binnen het Topsectorenbeleid. Doordat er minder (administratieve) verplichtingen zijn biedt het wat meer vrijheden. Wij onderschrijven dus zowel van het ADEM-programma als het Topsectorenbeleid de toegevoegde waarde.’

De toekomst

En de toekomst van ADEM? Granneman: ‘Het lijkt mij goed dat als het onderzoeksprogramma eind 2017 ten einde loopt er een vervolg komt. Inmiddels hebben wij met het Program Board een eerste zitting gehad over de toekomst van ADEM. In deze eerste “cyclus” van ADEM hebben wij ook het nodige geleerd over de organisatiestructuur en in dat perspectief kan een tweede ADEM-programma enkel tot meer succes leiden.’